“Er staat gewoonweg geen maat op deze man!”

Zomaar even wat feiten: 4 uit 14 (14 etappes gereden deze Tour, waarvan hij er vier tot nu toe wint), 14 etappes gewonnen in de laatste drie Tour de France edities, 25 etappes in totaal al gewonnen in alle Touredities die hij heeft gereden, dit jaar winnaar van Strade Bianchi, Milaan-San Remo, Ronde van Vlaanderen en werd hij tweede in Parijs-Roubaix. En by-the-way verpletterde hij iedereen in de Ronde van Zwitserland. Vandaag wachtte Pogacar lang, omdat hij zijn vriend en ploegmaat Del Toro zo lang mogelijk bij zich wilde houden. Maar het begon vandaag allemaal in de startplaats Mulhouse.

Mulhouse ligt op het drielandenpunt van Frankrijk, Duitsland en Zwitserland. De stad is al tientallen jaren een vertrouwde gastheer van de Tour de France. Vanuit Mulhouse vertrekken vaak etappes richting de Vogezen of de Jura, waar de eerste serieuze bergritten na de Pyreneeën zich aandienen. Mulhouse kent een bijzonder verleden. Oorspronkelijk hoorde de stad eeuwenlang bij de Zwitserse Confederatie en pas in 1798 werd zij onderdeel van Frankrijk. Later groeide Mulhouse uit tot het industriële hart van de Elzas. Daardoor kreeg de stad de bijnaam “het Franse Manchester“.

Gedenkwaardige beklimmingen in de Vogezen

Wanneer over de Vogezen wordt gesproken, denken veel wielerliefhebbers aan de Ballon d’Alsace of de Planche des Belles Filles. Toch speelde zich in 1983 een bijzonder verhaal af, waarin de Vogezen bijna een onverwachte wending gaven aan de Tour de France.

De grote favoriet was Bernard Hinault. De “Das” had de Tour al drie keer gewonnen en gold als vrijwel onaantastbaar. Maar juist in de Vogezen begon zijn lichaam hem in de steek te laten. Knieproblemen speelden hem steeds meer parten en iedere klim deed pijn. Uiteindelijk moest Hinault besluiten de Tour zelfs niet te starten dat jaar vanwege zijn blessure, waardoor de weg vrijkwam voor een nieuwe generatie. Die Tour werd uiteindelijk gewonnen door zijn jonge ploeggenoot Laurent Fignon (die helaas ons al is ontvallen). De Fransman greep zijn kans met beide handen aan en zou uitgroeien tot de nieuwe ster van het Franse wielrennen. Veel historici zien 1983 daarom als het moment waarop het stokje van Hinault naar Fignon werd doorgegeven.

De Vogezen speelden daarin een symbolische rol. Het waren niet de hoogste bergen van Frankrijk, maar wel de eerste serieuze test waar de echte klassementsrenners zich moesten tonen. Wie hier kraakte, wist dat de Alpen en Pyreneeën nog veel zwaarder zouden worden.

Opeens is hij daar: Pogacar!

Na bijna drie weken koers leek de Tour beslist. De Sloveen Primož Roglič droeg al dagen de gele trui en had 57 seconden voorsprong op zijn landgenoot Tadej Pogačar. Vrijwel iedereen was ervan overtuigd dat Roglič de volgende dag in Parijs als Tourwinnaar zou worden gehuldigd. Maar er stond nog één etappe op het programma: een individuele klimtijdrit naar La Planche des Belles Filles.

Pogačar reed die middag de tijdrit van zijn leven. Op de steile slotklim vloog hij letterlijk omhoog, alsof hij nog maar net aan de Tour was begonnen. Ondertussen verloor Roglič seconde na seconde. Zijn normaal zo vloeiende pedaalslag veranderde zichtbaar in een worsteling. Toen Roglič over de finish kwam, was de schok enorm.

Pogačar had niet alleen de etappe gewonnen, maar ook de gele trui, de bolletjestrui én de witte jongerentrui veroverd. Op slechts 21-jarige leeftijd won hij zijn eerste Tour de France. Roglič verloor de Tour op de voorlaatste dag, iets wat in de moderne wielergeschiedenis nauwelijks was voorgekomen. Voor veel wielerliefhebbers was dit hét meest dramatische Tourmoment sinds Greg LeMond in 1989 de Tour op acht seconden won.

Over de Elzas kunnen we dan ook zeggen: “Waar de vlakke wegen van de Elzas eindigen, beginnen de bergen die de Tour kunnen beslissen.”

Goede herinneringen aan de aankomstplaats

Le Markstein Fellering is geen berg met de eeuwenoude status van de Tourmalet of Alpe d’Huez. Toch kreeg deze finishplaats in één klap een vaste plek in de moderne Tourgeschiedenis. Dat gebeurde tijdens de Tour de France van 2023.

Na weken waarin Jonas Vingegaard de Tour stevig in handen leek te hebben, kregen de renners op de voorlaatste bergrit de Vogezen voorgeschoteld. De finish lag niet boven op een steile klim, maar bij het skistation Le Markstein. Op de laatste beklimming, de Col du Platzerwasel, plaatste wederom Tadej Pogacar een krachtige aanval. Hij reed samen met Felix Gall weg en sprintte uiteindelijk naar de overwinning in Le Markstein. Het was zijn tweede etappezege van die Tour. Hoewel hij het geel niet meer kon terugpakken, liet hij zien waarom hij nooit opgeeft. Die overwinning werd wereldwijd gezien als een toonbeeld van zijn vechtlust.

Juist daarom heeft Le Markstein zo snel een bijzondere plaats gekregen in de Tour. Het is geen berg van honderd jaar geschiedenis, maar wel een plek waar een moderne kampioen liet zien dat strijdlust soms belangrijker is dan de eindzege.

Col du Haag is een regelrechte sloper

Vorige week moest ik kiezen welke berg ik zou verkennen, voordat de Tourkaravaan eraan zou beginnen. Dat is een gewoonte, die ik de laatste jaren doe. Ik rijd in wezen het parcours vooruit. Vorige week was mijn keuze op de Col du Haag gevallen. En daar kreeg ik geen spijt van. Ik kende de berg totaal niet. Het gemiddelde stijgingspercentage is 7,3%, maar dat wordt vooral veroorzaakt door een kort makkelijk tussenstuk. Voor het overige is het vooral rood, donkerrood en zwarte kleuren. En dat betekent voor een amateur als ik: geen goed nieuws en vooral afzien. Wat vooral opvalt is dat het geen mooi pad is en het is op bepaalde stukken echt heel nauw. Als er auto’s en/of motoren vast komen te zitten of dat supporters de weg blokkeren is het direct chaos. De klim gaat ook nog eens op en af. En met echt hele steile stukken (er zitten stukken van 14,7 en 16% bij). Op de tweede helft wordt de weg weer wat beter, maar het blijft enorm stijgen. Een regelrechte sloper deze Col du Haag.

De eerste beklimming van de dag was de Grand Ballon. Ook deze heb ik al een keer gereden en ook toen viel het niet mee. Ik zag vanmiddag de koplopers bij de eerste berg, de Grand Ballon, aardig uitgepierd. En dan moet de (opnieuw) de Ballon d’Alsace weer beklommen worden. Was dat gister ook al niet het geval? Ja, dat klopt helemaal. De renners weten dus wat ze kunnen verwachten. Vervolgens kwam de Col du Hundsruck nog en tot slot de Col du Haag als ze richting de finish van Le Markstein klimmen. De renners begonnen met regen en dat was een slecht voorteken vanwege de afdalingen. Dan is het aan de waaghalzen, die er vol voor gaan en als je schrik hebt, kan je wel eens op achterstand komen.

Twee broertjes in de kopgroep

Op de top van de Grand Ballon kwamen 5 renners als eerste boven: Carapaz en Healy (EF), Paret-Peintre en de broertjes Johannessen (beide Uno-X). Voor het laatste dat ik mij kan herinneren waren dat de broertjes Schleck, die dit eerder bewerkstelligde. Achter het vijftal kwamen kort daarachter Arensman, Zapater, Reyes. En daarachter weer een groep met o.a. drie man van Visma (die waarschijnlijk later als springplank voor Vingegaard zouden moeten dienen) Jorgenson, Armirail en Campenaerts. En verder Simmons, Pidcock en Hirschi. De laatste was een paar jaar geleden een geweldig talent, maar door allerlei oorzaken is het talent er nooit uitgekomen.

De vijf werkte goed samen en op de Ballon d’Alsace kwam de groep Pidcock snel in de klauwen van het peloton terecht. Al was het peloton al aardig uitgedund en was het meer de groep der favorieten. Wat opviel was het goede rijden van Visma/LaB. Zij hadden toch echt een plan, het was alleen de vraag of die ook tot uiting zou komen. Dat antwoord kwam snel. Kuss nam het commando over en gestaag reden ze in op het vijftal, wat inmiddels ook was versplinterd. Eerst was het Tobias Johannessen die wegreed en die kreeg Carapaz mee. Toen reed Carapaz weg en reed Johannessen in de achtervolging. Op het moment dat Johannessen Carapaz op de Col du Haag weer achterhaalde, was het ook direct een samensmelting. En toen was het aan Vingegaard om de forcing te forceren. Iedereen zag af op de Col du Haag. Ik was gelukkig dus niet de enige, die daar last van had. Zelfs Pogacar vertoonde grimassen die ik nog niet eerder van hem had gezien. Het was ook een compliment aan de parcoursbouwers, die iedere Tour weer nieuwe beklimmingen uit de hoge hoofd toveren en deze Col du Haag hoort absoluut bij de geslaagde pogingen daarvan.

Hard op weg naar de 4e!!

Op 5 kilometer onder de top ging het hard door toedoen van de Deense tourfavoriet van Visma/LaB. De een na de ander van het groepje favorieten moest eraf. Ook voor Evenepoel ging het te hard, maar de Belg heeft vaker in deze Tour laten zien, dat hij uit geslagen positie terug kon komen en dat zou vandaag weer niet anders zijn. Alleen Seixas, Lipowitz, Ayuso, Del Toro en uiteraard Pogacar konden Vingegaard volgen. Het wachten was op een aanval. Eerst probeerde Seixas het met Lipowitz, maar toen was het gedaan met de koopman. Pogacar versnelde en zoals iedere vorige keer kon niemand het tempo van de Sloveense Kannibaal volgen. Pogacar kwam als eerste (ook in de geschiedenis van de Tour) boven in een ongekende mensenmassa, waar rijen dik supporters langs de kant stonden.

Er staat geen maat op deze Sloveense krachtpatser

Pogacar reed in de resterende afdaling van 5 kilometer nog verder uit. Achter hem zouden Del Toro, Seixas en Vingegaard de ereplaatsen verdelen en in die volgorde was de finish ook. En wederom een ongekende 1 en 2 voor UAE. De verre uit allerbeste ploeg deze Tour en misschien wel in de geschiedenis van de Tour. Want als je Politt in de ploeg hebt die hele bergen alleen aan kop de boel bij elkaar houdt, daarna McNulty het tempo ongekend hoog laat houden samen met Wellens. Dan heb je een tot nu toe tegenvallende Adam Yates niet eens meer nodig. Evenepoel werd wel weer erg knap 5e met maar vier seconden achter op Vingegaard, die wederom kostbare tijd verloor (44 seconden). Het is toch wel een fenomeen die Evenepoel. Ik vertelde van de week nog tegen Janna, dat ik vond dat Remco zichzelf geen pijn kan doen. Maar dat moet ik echt innemen, want hij is niet de beste klimmer, maar de Belg beschikt wel over een leeuwenhart.

Morgen gaat het circus verder op weg naar de finish op Plateau de Solaison, De karavaan heeft opnieuw een machtig slot voor de boeg.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.