Dat is de vraag die op ieders lippen ligt, na de voorbije dagen waarin de Sloveen iedereen fietsles geeft. De rit van vandaag gaf nou niet echt hoop voor de rest, want ook vandaag ging het omhoog en dan bedoel ik ook echt omhoog. We startte vandaag in Pau en de weg zou gaan leiden tot aan de top van de Superbagnères. We gaan tevens officieel de derde koersweek alweer in en als Visma/LAB er nog iets van wil maken, dan moet het snel gebeuren. Ook gelet op de ruime achterstand die Jonas Vingegaard (ruim 4 minuten) nu al heeft op Pogacar.
Op weg naar Superbagnères
Vandaag moest het peloton bijna 5000 hoogtemeters rijden in de Pyreneeën met dus een aankomst in het skigebied Superbagnères. De laatste keer dat we dee etappe met aankomst hadden was bijna veertig jaar geleden voor het laatst. Sindsdien lieten parcoursbouwers de klim links liggen. Toch wonnen hier in het verleden louter grote namen: Robert Millar (die later mevrouw Millar werd) was de laatste in 1989, voorafgegaan door onder meer Greg Lemond (1986), Bernard Hinault (1979) en de Spaanse rasklimmer Federico Bahamontes (1962). Dit was dus pas de zevende keer dat het Tourpeloton er omhoog gaat rijden.
Pau is de vertrouwde startplaats voor deze Pyreneeën-etappe van 183 kilometer. De Franse stad was dat al 66 keer eerder en dat heeft een reden. Pau is dé poort naar de Pyreneeën en heeft goede, logistieke faciliteiten. Die functie als poort naar de Pyreneeën heeft Pau overigens al eeuwen – als het niet millennia is. Liefhebbers weten na al die jaren: zodra Pau in het routeboek staat als startplaats, is het klimmen geblazen. Afgelopen week heb ik twee van de vier bergen die ze vandaag hebben beklommen ook zelf (virtueel) gereden. De Tourmalet en de slotklim naar Superbagnères. De Tourmalet is een sloper. Gelukkig voor het peloton zit de berg in het midden van de etappe, dus dan zal de koers nog niet hard zijn geweest. Maar het is een berg waar je je echt op stuk kunt rijden. En ook de laatste klim naar Luchon- Superbagnères is een lastige klim. Het is zelfs een technische klim omdat het niet echt een gelijkmatige klim is. Deze laatste klim is echt voor de mannen met vermogen en een punch in de benen.
De Tour van 1986
In 1986 was de etappe naar Superbagnères het keerpunt voor Bernard Hinault. De Fransman was al vijf keer winnaar van de Tour en een zesde was in de maak. Hij stond namelijk 5 minuten voor op de Amerikaan Greg Lemond die ook zijn ploegmaat was. Echter Hinault had in 1985 de Tour gewonnen, maar had Lemond toegezegd het jaar erop voor hem te rijden. Lemond was furieus en zon op wraak in de rit naar Superbagnères. Hinault gaf gas op de Col d’Aspin, maar zakte in op de Peyresourde. De beklimming waar gister de klimtijdrit werd gereden. In de afdaling werd hij achterhaald door een groepje met daarin ploeggenoten Lemond en Andrew Hampsten. Hampsten ook Amerikaan was natuurlijk op de hand van zijn landgenoot. Het was ook Hampsten die aanviel op Superbagnères met Lemond in zijn wiel. Hinault vertwijfelend achterlatend. Lemond won de etappe, maar verloor meer dan 4 minuten. De 40 seconden die hij overhield was de dag erna al verdwenen op de Col de Granon (ook een legendarische berg in de geschiedenis van de Tour).
Voor mij een van de mooiste beelden uit de geschiedenis van de Tour
Het hoogtepunt was natuurlijk later de rit naar Alpe d’Huez waar de twee kemphanen en ploeggenoten samen naar boven reden. Het gebaar van Hinault was groots en hij pakte de hand van Lemond en samen gingen ze juichend over de finish. Ik zat als 15-jarige jongen voor de televisie en weet nog goed dat ik kippenvel kreeg van dat beeld. En de woorden van Mart Smeets (samen met Jean Nelissen het geluid van de Tour) vergeet ik ook niet meer. Smeets bleef maar herhalen: “Kijk eens, kijk eens, …… oooooh, wat mooi!” Of Hinault aanvoelde dat zijn tijd gedaan was en de nieuwe kampioen was opgestaan. Later is het echter nooit meer goed gekomen tussen de twee. Lemond verweet Hinault dat hij zich niet aan zijn afspraken hield. Lemond wilde weg en was in het begin van 1987 te dik. Echter het noodlot sloeg nog eens toe, toen hij tijdens een jacht met zijn zwager bijna dodelijk werd getroffen door een schot hagel. Echter schreef hij alsnog in 1989 (aan de hand van Jose de Cauwer) geschiedenis door de tijdrit in Parijs in zijn voordeel (op Fignon) te beslechten en zo de Tour van 1989 te winnen. En dat twee jaar na dat bijna noodlottige ongeluk.
Fenomenale Arensman
Wat een etappe was het weer vandaag! En dat werd ook mede veroorzaakt door de spanning in deze etappe. De etappe begon al spectaculair. De beklimming van de Tourmalet was net begonnen, toen duidelijk werd dat Evenepoel al heel snel moest lossen. Het zag er niet goed uit. De Belg moest gedesillusioneerd opgeven. Het ging gewoon niet meer. De Belg kreeg de pendalen niet meer rond. De pijp was weg. Inmiddels was de Tour nog een goede renner kwijtgeraakt. Skjelmose (Lidl/Trek) schatte een vluchtheuvel heel slecht in. Ook hij moest opgeven, alleen de reden was dat hij vanwege zijn verwondingen niet meer verder kon.
Een groep was weggereden en reed minuten weg. O.a. Kuss en Yates (Visma/LAB), Lenny Martinez (Bollentrui), Arensman en Rodriguez (beide Ineos) zaten in de kopgroep. Deze groep mocht wegblijven, maar het verschil werd binnen de perken gehouden. De angst was al dat Pogacar ook zijn zinnen had gezet op deze etappe. Een aantal renners zagen door het wegvallen van Evenepoel hun kans. Daaronder Vauquelin, Lipowitz, Onley en Roglic. Onley is heel knap. De Brit van de kleine Nederlandse ploeg Picnic/PostNL rijdt met de beste mee naar boven en ook vandaag liet hij zich goed zien. Maar op 36 kilometer van de finish ging Arensman ervoor. Onze Nederlander reed geweldig de Peyresourde op en moest alleen nog de Superbagnéres bedwingen.
Arensman wint!!!
En het werd spannend. UAE ging met de ploeg rijden, maar Arensman bleef lange tijd 3 minuten voor. Achter onze Nederlander kregen ze het gat niet dicht. De een na de ander viel weg uit de kopgroep. Wat opviel was dat Campenaerts er nog bij zat in de laatste klim, maar dat Jorgenson (de nummer twee van Visma/LAB) was al in geen velden of wegen te bekennen. Ook Van Aert is niet aan zijn beste dagen bezig. Het kwam dus neer op Vingegaard zelf. Toen eerst Gall wegglipte uit de groep favorieten, was het duidelijk dat Pogacar het wel goed vond. Dat was in het voordeel van Arensman die geweldig door bleef rijden. Vingegaard haalde met Pogacar Gall in en gingen met z’n tweeën op jacht naar Arensman. Maar de aanval kwam te laat of Arensman reed gewoon geweldig. Het was zijn beste dag uit zijn carrière, vertelde hij later. En zo won Tymen Arensman de etappe en loste hij zijn belofte eindelijk in. De Nederlander die er deze Tour al dichtbij was, won nu wel en zijn inzet werd beloond. Mooi was ook het moment dat Pogacar en Arensman samen op de stoeltjes zaten voor de ceremonie protocollair. De arm die Pogi over de schouders van Arensman legde was een mooi gebaar. En zo werd het een hele mooie dag voor fietsend Nederland. Pogacar won nog wel de sprint om plek twee en won zodoende nog enkele seconden op Vingegaard, die eerlijkheidshalve gezegd moet hebben dat hij erg goed reed vandaag. Dat kunnen we niet van de gehele ploeg van Visma/Lab zeggen.

