Mathieu “de Grote” wint!!

Wat een etappe was het gister weer. En het ging na de finish nog gewoon door (reactie Evenepoel naar zijn perschef). De Belg beet zijn perschef toe dat hij moest stoppen met “die show”. Remco zat nog vol adrenaline van het missen van zijn kans om zijn derde ritzege te boeken. Ik had ook wel medelijden met Kuss. Die eindelijk “verlost” was van het juk wat Vingegaard heet. En eindelijk zijn gang mocht gaan van de ploeg. Naast Carapaz (die mister Aanvaller was deze Tour) was de Amerikaan de laatste tourweek veelvuldig in beeld. Ik had het hem echt gegund, want Kuss durfde te rijden. Wellicht goed voor Visma/LaB om mee te nemen in hun evaluatie. Ik zou als ik Richard Plugge (de grote baas) was renners voortaan selecteren die gewoon durven en doen. Die overtuigd zijn van hun kunnen en er gewoon voor gaan. Wat dat betreft is Kuss daar wel een voorbeeld van. Het beeld van Pogacar en Del Toro samen over de finish. Je ziet het niet vaak dat renners oprecht zo met elkaar over de finish gaan. Hinault en LeMond tijdens de Tour de France 1986. Maar dat was vooral voor de bühne.

“De drie van Mapei-GB” in de straten van Roubaix

Ik moest opeens terugdenken aan Parijs-Roubaix van 24 jaar geleden, toen de Mapei-GB ploeg domineerde. Toen al geleidt door een zeer succesvolle Belgische ploegleider, Patrick Lefevere. De eigenaar van de ploeg was de schatrijke Giorgio Squinzi (eigenaar Mapei – nu een van werelds grootste producenten van chemische producten voor de bouwindustrie). Het geval wilde dat Squinzi die dag 28 jaar getrouwd was. De Italiaan had één droomgeschenk voor zichzelf, namelijk dat drie van zijn renners samen naar de piste in Roubaix op zouden rijden. Als aanvullende eis was het ook nog dat de uitslag van tevoren bekend was. Museeuw moest winnen, voor Bortolami en Tafi. Tafi werd daarop boos, want hij wilde graag tweede worden. Maar Lefevere was niet te vermurwen. Museeuw moest winnen en Bortolami moest tweede worden als uittredend winnaar van de Wereldbeker het jaar ervoor. Vier man van Mapei-GB reden dan richting Roubaix, totdat Ballerini lek reed.  Maar wachten deden de drie niet en zij reden dus richting de piste. Ook Museeuw reed lek en toen werd er door het overgebleven tweetal wel gewacht. Uiteindelijk rijden de drie richting de finish. Museeuw ging voorop, ging rechtop zitten en spreidde zijn armen schuin naar achter naar zijn twee ploegmaten. Dat beeld deed mij denken aan gister. De manier (van oprechte vriendschap) dat Pogacar het hoofd van Del Toro liefelijk tegen het zijne drukt als twee broers die met elkaar iets geweldigs hebben gepresteerd deed mij even terugdenken aan de “drie van Mapei”. Later kwam dan toch de aap uit de mouw. Ook Del Toro was de afgelopen week geveld door het virus en dat maakt zijn derde plaats alleen nog maar knapper. In zijn eerste Tour tegen het geweld van zijn oppermachtige kopman op moeten boksen en dan zo rijden. Petje af voor de Mexicaan, die een grote toekomst tegemoet zal gaan.

Traditie is gebroken

Jarenlang wist iedereen dat de Tour pas op de Champs-Élysées écht begon. Sinds de organisatie het parcours zwaarder maakt, is dat veranderd. Het is niet meer de traditionele rondjes in Parijs, maar een parcours wat pas echt glans geeft aan de Tour de France. Alleen werd gister besloten dat het parcours toch aangepast wordt door omstandigheden. Gelukkig blijft de Montmartre wel in het parcours. Alleen gaat er geen traditioneel defilé aan vooraf. Zodra de renners op de fiets zitten in Parijs (daar is de start ook direct) zal het vanaf het begin helemaal losgaan. Het parcours is maar 89 kilometer lang en met één Nederlander als absolute favoriet, Mathieu van der Poel. Het veranderen van het parcours is een laatste ode van een van de mooiste sportwedstrijden ter wereld en dat verdient dan ook een finale die uitgaat met vuurwerk. En alleen de allergrootste zullen zegevieren willen ze de laatste etappe winnen door de beklimming van de Montmartre (3x) te bedwingen.

Een ode aan de Olympische wegwedstrijd in Parijs

Eigenlijk is dat vorig jaar in gang gezet met het kopiëren van het parcours van de Olympische Spelen van 2024 als grootste inspiratiebron. Toen reden de renners de Montmartre op en zegevierde Remco Evenepoel triomfantelijk. Met dat blik van het optillen van zijn fiets net voor de finish. Dat was trouwens een zenuwslopende finale, want de Belg had ook nog materiaalpech net voor de finish. Iets wat Mathieu soortgelijk had tijdens het WK het jaar daarvoor. Echter Van der Poel viel toen, maar stapte weer op zijn fiets terwijl zijn trapper defect bleek te zijn door de val. In die beruchte Olympische wegwedstrijd was het Van Aert die met beulswerk Van der Poel niet dichter bij Evenepoel liet komen. Evenepoel die de week ervoor ook al de Olympische tijdrit won.

Renners als Wout van Aert bewezen vorig jaar dat Pogacar ook op de slotdag nog onder druk kan worden gezet. Daardoor krijgt de laatste etappe weer iets van de onvoorspelbaarheid terug die de Tour vroeger ook kende. Toen was het Van Aert die vlak voor de finish wegreed van Pogacar en wat volgde was een adembenemende achtervolging, die uiteindelijk door de Belg werd gewonnen. Weet iemand nog wie vorig jaar tweede werd achter van Aert? Nee…. Het was Davide Ballerini. Schrijf die naam ook maar op vandaag als kanshebber.

Dé ontknoping in de geschiedenis van de Tour de France

Als we de geschiedenis van de laatste etappe doorlopen, ontkomen we natuurlijk niet aan de ontknoping van de Tour de France in 1989. Misschien wel de meest spectaculaire ontknoping aller tijden. Al komt die van 2020 ook aardig in de buurt, maar die vond plaats op de een na laatste dag. In 1989 was het de strijd tussen Greg LeMond en Laurent Fignon. De Tour de France van 1989 leverde het kleinste verschil ooit op in de wielergeschiedenis van de Tour de France. Greg LeMond versloeg Laurent Fignon in de slottijdrit van Versailles naar Parijs met amper 8 seconden. LeMond startte die dag met een achterstand van vijftig seconden, maar won de tijdrit met 58 seconden voorsprong. De legendarische ontknoping werd mede bepaald door het aerodynamische triatlonstuur van LeMond en zijn specifieke tijdrithelm, terwijl Fignon zonder zulk materiaal en gehinderd door zadelpijn reed. Fignon verloor uiteindelijk zo’n 2 seconden per kilometer aan zijn Amerikaanse rivaal. Niet alleen het stuur en de pijn moest Fignon verbijten, maar ook de aerodynamica (of juist het gemis daaraan) van het dragen van een paardenstaart hielp de Fransman zeker niet mee. 8 seconden was het verschil na ruim 3.200 verreden kilometers in die bewuste Tour de France

De finish was niet altijd op de Champs-Élysées

Veel mensen weten niet dat de Champs-Élysées pas sinds 1975 de vaste finishlocatie is. In 1979 won Joop Zoetemelk daar de slotrit. Niet in een massasprint. Maar na een verrassende aanval. Dat was uitzonderlijk, want de laatste dag werd al snel een ceremoniële dag. Bij de allereerste Tour de France in 1903 lag de finish niet in Parijs zelf, maar in Ville-d’Avray, net buiten de stadsgrenzen. Dat kwam doordat de prefect van Parijs wielerwedstrijden binnen de stad had verboden vanwege verkeers- en veiligheidsredenen. Vanaf 1904 verhuisde de finish naar het Parc des Princes (dé thuishaven van de beste voetbalclub ter wereld. Paris Saint-Germain). Dat was destijds geen voetbalstadion zoals we het nu kennen, maar een beroemd wielervelodroom. De renners kwamen Parijs binnen en reden vervolgens het stadion binnen voor een laatste ronde op de piste.

Daar vond de officiële finish plaats, vaak onder toeziend oog van tienduizenden toeschouwers. In die tijd hoorde een finish op een wielerbaan helemaal bij de grote klassiekers en etappekoersen. Toen het oude Parc des Princes werd afgebroken, verhuisde de Tour naar de Vélodrome de Vincennes (ook bekend als La Cipale). Ook hier eindigden de renners op een wielerbaan. Dit waren precies de jaren waarin Eddy Merckx de Tour domineerde. De aankomsten hadden nog steeds het karakter van een traditionele baanfinish, maar het spektakel miste inmiddels de uitstraling die de Tour als mondiaal evenement begon te krijgen.

Tourdirecteur Félix Lévitan wilde de Tour een veel grootser decor geven. Samen met televisiepresentator Yves Mourousi ontstond het idee om de finish naar de Champs-Élysées te verplaatsen. Met steun van president Valéry Giscard d’Estaing werd het plan werkelijkheid. Op 20 juli 1975 sprintte Walter Godefroot als eerste winnaar over de Champs-Élysées, terwijl Bernard Thévenet de Tourzege vierde. Vanaf dat moment groeide de finish uit tot misschien wel het bekendste decor in de wielersport.

Champagne is pas van de laatste tientallen jaren

Veel mensen denken dat de champagne op de laatste dag altijd al onderdeel van de Tour was. Net na de start van de laatste etappe is het al tientallen jaren gebruikelijk dat de ploeg van de Tourwinnaar champagne drinkt. Maar dat was in de beginjaren anders, want toen werd er gewoon gekoerst. Pas vanaf de jaren zestig en zeventig ontstond de traditie dat de geletruidrager onderweg een glas champagne kreeg en dat niemand hem meer aanviel. De Tour veranderde daarmee van een wedstrijd naar een ceremonie. Tot diep in de jaren zeventig werd er gewoon gekoerst. Geen neutralisatie. Geen foto’s. Geen champagne. Als je geel droeg, moest je ook op de laatste dag nog opletten. Pas later ontstond de ongeschreven regel dat de gele trui met rust werd gelaten tot de finale op de Champs-Élysées.

Vandaag zal er gebroken worden met die traditie, omdat de renners vanaf de start in Parijs (!) direct afgeschoten worden. Ik verwacht de snelste 89 kilometers ooit gereden in een touretappe. Er zijn nog zoveel renners die kans zien om de laatste (commerciële en vooral prestigieuze) etappe te winnen. Maar dan moeten ze wel zien af te rekenen met de favoriet, Van der Poel.

Van der Poel is goed! En Pogacar ook!

Het was knap van de ASO dat ze zo snel hebben geschakeld en het village sportif hebben verplaatst. En gelukkig voor alle supporters bleef de Montmartre in het parcours. Bij de eerste beklimming van de Montmartre ontplofte de boel direct. Pedersen en Van der Poel staken de lont aan. Pogacar kon enigszins nog eenvoudig volgen. Het was een man of tien die het echte gevecht aan wilde gaan. Onder hen dus o.a. Van der Poel, Pogacar. Pedersen, Matthews, Asgreen en Stuyven. Del Toro miste de slag door een lekke band. Het peloton was niet ver weg. En achterhaalde de tien man vooraan. Het ging ongelofelijk hard. Wellens was redelijk hersteld, want die gaf er echt een snok op de tweede beklimming van de Montmartre. Pogacar deed het op geweldige wijze. De versnelling was bijna iedereen te machtig. Alleen Van der Poel kon aanhaken. De twee grote tenoren reden alleen naar de top van de Montmartre. Pogacar liet zien dat hij er nog wel zin in had. Evenepoel reed naar de twee. Pedersen bleef hangen en deed er alles aan om bij de drie te komen. Het was het podium van Ronde de Vlaanderen 2026. Pedersen kwam er dan toch bij. Wat een geweldige kopgroep was dit. En wat een etappe.

Daarachter reed Decathlon voor Olav Kooij. Het gaatje werd kleiner door het geweldige rijden van Decathlon. Del Toro kreeg minuten aan zijn broek. Op 19 kilometer kwam het peloton terug bij de vier. En dan zou er nog één beklimming naar de Montmartre komen. Een klein peloton ging zich opmaken voor de ultieme beklimming in deze laatste etappe van de Tour de France 2026. Het was weer wachten op een explosie van de geletruidrager. Zou hij het nog een keer doen? Pogacar werd gebracht door Politt, maar Pogacar liet zich insluiten. Het was als een duveltje uit een doosje Van der Poel. Mathieu werd afgeschoten. En alleen Pogacar kon alleen maar aanklampen. Amai, wat een tempo draaien de twee. Maar was het goed genoeg om de resterende 10 kilometer te overleven. Van der Poel vloog en alleen Pogacar kon aan het elastiek volhouden. Pogacar en Van der Poel gingen er helemaal voor. Daarachter was het o.a. Hagenes, Stuyven en Healy. Pedersen zat daar 15 seconden achter met o.a. Daan Hoole en Kooij. Nog geen Philipsen in zicht.

Winst voor een fenomenale Van der Poel

Het was een fantastisch gezicht dat de twee beste renners op deze wereldbol het met z’n tweeën gingen proberen. Het paste ook helemaal in het plaatje dat er geen betere zijn dan deze twee. Maar zouden ze het volhouden? Pogacar ritste zijn trui nog iets open. Het verschil bleef op 10 seconden hangen. Wat een nummer van deze twee! Wat een schitterend plaatje bij de Arc de Triomphe. Nog 4 kilometer en nog steeds was het verschil 12 seconden. Bij Sporza was er volop lof voor Pogacar. Gister nam hij Del Toro nog op sleeptouw. En vandaag rijdt hij met Mathieu de straatstenen uit de Parijse grond. Nog 2 kilometer en het verschil is 10 seconden. In een beeld waren ze allemaal te zien. Achter de twee reed Decathlon volle bak voor Kooij. Op 1 kilometer werden de twee nagenoeg ingehaald. Laatste kilometer waren het nog steeds de twee, maar het werd wel heel erg moeilijk. Wie zou het worden? Van der Poel reed weg van Pogacar. In een ultieme jump kwam Philipsen er nog heel dichtbij. Van der Poel wint!!! Ongelofelijke thriller was dit! Het scheelde niets. In een tweede beeld zag je Philipsen juichen voor Van der Poel. Het was Mathieu enorm gegund. Wat een finish van deze fantastische Tour. Van der Poel had zich helemaal leeggereden. Hij lag op de grond, want er zat niets meer in. Maar hij won de laatste etappe in Parijs op grandioze wijze. Deze etappe gaat ook zeker de geschiedenisboeken in.

Bedankt aan de lezers en vooral aan Janna

Dit brengt mij ook bij de laatste bijdrage van de Tour de France 2026. Het was voor Janna en mijzelf een feest om te doen. Ieder jaar weer beleven wij er zoveel plezier aan om lezers mee te nemen in de schoonheid van de sport. En wie deze Tour de France dit jaar echt goed heeft gevolgd, is absoluut verwend geweest. Het is uiteindelijk een Tour de France geworden waar geen moment verveling in zat. Deze Tour de France zat ook nu weer bol van de emotionele, mooie en ontroerende beelden. Iets wat het wielrennen ook zo mooi maakt.

Het was voor Janna en mij een memorabel jaar. Het was ons lustrum jaar want we schreven voor de 10e (!!) keer deze blog. En ieder jaar hoop ik dat de lezers een reactie achter zullen laten wat zij van deze blog hebben gevonden. Dat zou enorm leuk zijn voor de twee auteurs van deze blog. En ik zou zeggen: op naar volgend jaar waarin we vast en zeker weer een geweldige Tour de France voorgeschoteld gaan krijgen. Ik sluit af met de woorden, dat het voor mij een voorrecht was om deze blog met Janna te mogen schrijven. Janna is nog steeds mijn grote inspiratiebron wat betreft het schrijven. Daar wil ik haar dan ook van ganser harte voor bedanken. Tot volgend jaar…..!!!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.