De rit telde vandaag 163 kilometer en meer dan 4.300 (!!) hoogtemeters met zeven pittige klimmetjes. De renners startten in Ennezat en begonnen vrijwel meteen met de de Côte de Loubeyrat, een beproeving van 4 kilometer met een gemiddelde stijging van 6,3%. Na deze beklimming blijft het klimmen en dalen. De renners dalen af naar Volvic – bekend van het mineraalwater – en kregen daarna weer twee stevige beklimmingen voor hun kiezen. Eerst de klim naar Tourtoule (4,2 kilometer à 5,8%), gevolgd door de Chanat-la-Moutyre (2,2 kilometer à 6%). De koers duikt daarna naar de bekende stad Clermont-Ferrand.
Daar ligt de thuishaven van Michelin, het familebedrijf dat bekend staat vanwege haar autobanden. En het bekende poppetje van Michelin was jarenlang het decor van de sponsorkaravaan. Het is tevens de geboorteplaats van de vorig jaar overleden Raphaël Geminiani. In 1951 won hij nota bene een rit in ‘zijn’ Clermont-Ferrand. Dat jaar werd hij ook tweede in de Tour. Hij beëindigde abrupt zijn loopbaan in 1959, nadat hij samen met zijn vriend Fausto Coppi voor de grap meedeed aan een koers in het huidige Burkina Faso. Coppi liep er malaria op, wat hem niet veel later fataal werd.
Epos op wielen
De Tour de France is niet slechts een wielerwedstrijd, het is een epos op twee wielen, geschreven op het asfalt van mythische bergpassen. Hier worden helden geboren, zijn gezichten zichtbaar verwrongen van pijn en overwinningen bevochten met hart en ziel. Bepaalde bergen zijn meer dan klimmetjes – het zijn altaars van wielerhistorie.
Als je kijkt naar heroïsche bergen, dan mag Alpe d’Huez niet ontbreken. “De” Nederlandse berg is jarenlang de berg geweest, waar Nederlandse wielrenners furore hebben gemaakt. Hennie Kuiper won er ooit. Peter Winnen deed het zelfs twee keer. En de mooiste was natuurlijk van Gert-Jan Theunisse heeft één overwinning behaald op Alpe d’Huez in de Tour de France. Die etappe won hij in de Tour van 1989, tijdens de 17e etappe, toen hij na een lange solo-aanval als eerste boven kwam. Theunisse’s overwinning op de Alpe d’Huez was tevens de laatste keer dat een Nederlandse renner de beruchte berg in de Tour won. Theunisse’s zege in 1989 was een memorabele overwinning, vooral omdat hij de etappe won na een lange solo-aanval. Hij was op dat moment ook de drager van de bolletjestrui. De overwinning op Alpe d’Huez droeg bij aan zijn overwinning in het bergklassement van die Tour. Ook afgelopen jaar heb ik maar weer mee mogen maken welke magie de berg herbergt. Tijdens Alpe d’HuZes (evenement om te strijden met KWF) moest ik meerdere keren de berg beklimmen. En dat was geen pretje kan ik je vertellen. Het blijft een hele vervelende berg om te beklimmen. Vooral het begin (van het begin van de klim tot aan bocht 16) is geen pretje. Overigens doet de Tour dit jaar Alpe d’Huez (helaas) niet aan.
Ook een voorbeeld van een heroïsche is de Tourmalet. De Tourmalet is de oudste bergreus en daarmee het symbool van de overgang naar de grotere bergbeklimmingen. In 1910 fietste Octave Lapize hier als eerste overheen en noemde de organisatoren “moordenaars”. In 2010 vochten de Spanjaard Alberto Contador en Luxemburger Andy Schleck een heroïsch gevecht uit. In de 17e etappe van de Tour de France 2010, met aankomst op de Col du Tourmalet, won Andy Schleck de etappe, maar Alberto Contador behield de gele trui. De etappe naar de Tourmalet was een belangrijke confrontatie tussen Schleck en Contador, waarbij Schleck aanviel, maar Contador standhield en zijn voorsprong in het algemeen klassement behield. Schleck won de sprint op de Tourmalet. De strijd tussen Schleck en Contador in de bergen was een hoogtepunt van de Tour van 2010, met de Tourmalet als een cruciale plek voor de beslissing in de strijd om het geel. Hoewel Schleck de etappe won, was Contador sneller in de afsluitende tijdrit en won uiteindelijk de Tour met een kleine marge van 39 seconden. Ik heb vorige week de berg beklommen. En ik kon er niet echt om lachen. De klim kent een goede opbouw in het begin, waar het zeker nog niet supersteil omhoog gaat. Maar de Tourmalet kent een enorm zwaar einde. Als je het dorp La Mongie uitkomt is het echt gedaan met de pret. Op de Tacx moet je net uit het dorp een onverharde weg oprijden. Dat kostte bijna mijn hele Tacx, omdat ik zoveel kracht moest zetten dat mijn achterwiel uit mijn Tacx trilde. De Tacx die ik heb, is levensecht, dus als je over een onverharde of gravel weg moet rijden, rijdt je dat dus echt. Alles beweegt. Supermooi, maar met deze klim minder leuk. Nee, de Tourmalet is een vreselijke berg om tegen op te rijden.
Als derde berg die ik graag wil benoemen, kan de Mont Ventoux niet achterblijven. Ook dit jaar doet de Tour de “Reus van de Provence” weer aan. Het is een machtige klim, vooral op het einde, want zodra je uit het bos bent, lijkt het alsof je op een maanlandschap terecht bent gekomen. Plus de wind en hitte speelt vaak een factor. Uiteraard is de berg bekend en berucht door de dood van Engelsman Tom Simpson. Op drank en amfetamine reed Simpson zigzaggend naar boven, totdat hij letterlijk en figuurlijk zichzelf de dood in reed. Wanneer je ooit nog een keer de berg wil bezoeken, dan is een kilometer voor de top een herdenksteen van Simpson aan de kant van de weg zichtbaar. Een ander merkwaardig moment was in de Tour de France van 2013, toen Chris Froome na een valpartij zijn fiets achter moest laten en vervolgens een stuk van de berg op rende op zoek naar een nieuwe fiets. Het was een enorm koddig gezicht die lange Zuid-Afrikaan/Engelsman te zien rennen, terwijl de rest (o.a. zijn concurrent Cadel Evans) hem op de fiets passeerde. Etappe 11: twee keer over de Ventoux, waar Froome in 2016 de benen nam Ook deze berg heb ik al meerdere keren (virtueel) beklommen. En het is zeker in het begin fijn rijden. De makkelijkste kant is vanaf Sault. Deze beklimming is langer, maar heeft een lager gemiddeld stijgingspercentage dan de routes vanuit Bédoin en Malaucène. De route vanuit Sault is ook bekender om zijn lavendelvelden en rustige omgeving. Pas op het einde is het echt vechten. Live heb je dan ook nog de hitte en wind. Op de Tacx is het alleen maar afzien.
Ben Healy krijgt zijn beloning
Wat een etappe weer! Het kan maar niet op deze Tour. Vooraf was de verwachting dat vluchters een grote kans hadden om voor de winst te gaan. Vanwege het wegvallen van Almeyda is Pogacar een belangrijke pion verloren. Zo niet, zijn belangrijkste pion. En zonder Almeyda is de ploeg veel minder sterk als werd gedacht. En dat die gedachte de beste is werd vandaag maar weer duidelijk. Waar Visma/LAB twee pionnen naar voren zette in de personen van Simon Yates en Campenaerts kon UAE niemand missen en was het zaak dat Pogacar zo goed en zo lang mogelijk ondersteunt zou worden. Adam (de broer van Simon) is een van de kompanen van Pogacar, maar die was geen al te beste hulp voor zijn kopman. Dan deed zijn broer het beter en slimmer.
Eindelijk een overwinning voor Visma/LAB
De vluchtersgroep bestond uit 20 man, maar werd op een van de laatste bergen uitgedund tot 6 man. De mannen die overbleven waren Ben Healy (jawel, daar was hij weer), Ben O’Connor (Jayco Alula), Simon Yates (Visma/LAB), Michael Storer (Tudor), Quinn Simmons (Lidl/Trek) en onze Nederlander Thymen Arensman. Dit zestal bleef vooruit en 40 kilometer voor de finish was het duidelijk dat Healy er alles aan wilde doen om de gele trui te pakken. In het peloton werd er vooral snelheid gemaakt door UAE, maar het waren steeds dezelfde renners die het vuile werk op moesten knappen. Ook hierbij gaf Pogacar zijn fiat. Healy mocht de gele trui pakken. En dat deed hij uiteindelijk ook. Toch was het Simon Yates die in de laatste klim wegsprong. O’Connor kon nog even volgen, maar moest de sterk rijdende Simon Yates toch echt in tweede instantie laten gaan. Alleen Arensman kwam nog dichtbij. Maar ook hij kon Yates niet bijhalen en zo geschiedde dat Visma/LAB dan toch eindelijk de ritoverwinning behaalde. Voor Arensmann en opnieuw de sterk rijdende Healy, die wel de gele trui mocht aantrekken. Pogacar keek er naar en vond het goed. De Sloveen probeerde het wel, maar kreeg wieltjesklever Vingegaard meteen achter zich aan. De Sloveen vond het wel goed zo. Het was het slot van de eerste lange week Tour de France 2025. Met als slotakkoord dat Healy een geweldige Tour rijdt. Dat ook Van der Poel zich fantastisch heeft laten zien. En dat Pogacar tot nu toe ijzersterk rijdt.

