Jeroen ziet; een nieuwe wielermacht opstaan!

Het was vandaag de laatste kans voor de aanvallers om nog iets van hun Tour te maken, als zij dat niet al gedaan hadden. Met het oog op morgen (tijdrit) en de afsluitende sprintersrit naar Parijs op de Champs Elysees moest het vandaag voor de aanvallers gebeuren. Van oudsher domineren de Spanjaarden, Nederlanders, Belgen en Fransen het mondiale wielrennen. In het verleden kwamen daar enkele andere wereldlanden bij: Engeland (Wiggins en Thomas), Australiers (Evans en Anderson), Zuid-Afrikaan (Froome), Colombianen (Bernal, Herrera en Parra), Luxemburg (Schleck), Denemarken (Riis) en Ierland (Roche) bij. Maar Slovenië kende we eigenlijk nog niet.

De eerste Sloveense renner die echt bekendheid kreeg, was Andrej Hauptman. De Sloveen reed een uitstekend kampioenschap in 2001 in Lissabon. Hij werd uiteindelijk derde achter de winnaar Freire (Spa) en Bettini. Een jaar later herhaalde Hauptman dat kunstje bijna opnieuw in het Belgische Zolder, maar helaas voor hem was de Duitse sprinter Erik Zabel net een bandlengte sneller dan de Sloveen. Overigens werd in die sprint Mario ‘mooie’ Chipollini eindelijk wereldkampioen. Je zou ook kunnen zeggen dat danzij Hauptman het wielrenner pas echt populair is geworden, want na hem verschenen talentvolle renners als Brajkovic, Spilak en Bozic ten tonele. Tot de afgelopen jaren. Want toen kwamen pas echt de talentvolle renners uit Slovenië. In slagvolgorde meldde zich Roglic, Pogacar en Mohoric.

Matej Mohoric meldde zich als een komeet aan het wielerfront. In 2012 was hij als junior bijna onklopbaar. Hij won grote rondes voor junioren en als klapstuk werd hij dat jaar ook nog eens wereldkampioen bij de junioren. Een jaar later werd hij wereldkampioen bij de belofte. Vele ploegen waren in zijn handtekening geïnteresseerd, maar het was Cannondale (het team van Sagan) die hem als snelste oppikte. Hij reed daar in een ploeg met Formolo, Daniel Martin, Bäckstedt, Hesjdahl, Moser en onze eigen Tom Jelte Slagter. Na een jaar Lampre en UAE kwam hij in 2018 bij zijn huidige ploeg Bahrain-Victorious. En daar is hij sinds deze Tour de France echt op de radar van alle wielervolgers terecht gekomen.

Vandaag was het dus een laatste kans voor de mannen van de lange adem. Snel weg na de start en hopen dat je weg blijft. En onderweg maar één ding doen en dat is heel hard rijden. Na een valpartij van de Belg Brent van Moer en waar Pogacar zich op zijn jeugdige leeftijd al zijn leiderscapaciteiten liet zien, was daar opeens het sein voor 6 renners om weg te glippen. Die zes renners waren: Jonas Rutsch (EF), Franck Bonnamour (B&B), Julien Bernard (Trek-Segafredo), Georg Zimmermann (Intermarché), Simon Clarke (Qhubeka) en Mohoric (Bahrain) waren de gelukkigen. Mohoric had na zijn eerdere succes in deze Tour (7e etappe) de smaak te pakken. De Sloveen kan vreselijk hard alleen rijden en rook zijn kansen. Daarachter vond zijn landgenoot Pogacar het wel prima. Quickstep (voor Cavendish) en Alpecin (Philipsen) deden het achtervolgende werk. Maar na 150 kilometer gingen er toch meer ploegen zich ermee bemoeien. Die ploegen zagen zeker geen heil in hernieuwde show van Cavendish en opeens was daar een grote kopgroep die alleen weg zou blijven. In die groep zaten: Rutsch en Valgren (EF), Bonnamour (B&B), Bernard, Stuyven, Theuns (Trek-Segafredo), Zimmerman (Intermarché), Clarke en Walscheid (Qhubeka), Mohoric (Bahrain), Ballerini (DQS), Gesbert (Arkéa), C.Pedersen (DSM), Laporte (Cofidis), Izagirre (Astana), Teunissen (Jumbo), Van Moer (Lotto), Turgis (Total) en Dillier (Alpecin). Dit was een groep van absolute hardrijders en het zou dus een zware kluif zijn om deze groep terug te halen.

Op 45 kilometer van de meet was daar het sein van Mohoric om voor de eerste keer aan de boom te schudden. Daarmee werden de eerste slachtoffers gemaakt. Wie wel goed door reden waren vooral: uiteraard weer Mohoric en Stuyven, Politt en Laporte. Op 27 kilometer van de meet vond de Sloveen het nogmaals genoeg en zette zijn beslissende jump in. De achtervolgers vertwijfelend achterlatend. Zijn geluk was vooral ook dat ze achter hem niet goed samen reden. Dat betekende dus Mohoric met zijn moordende tempo niet meer te achterhalen viel en opnieuw een touretappe zou gaan winnen. In de sprint achter de Sloveen reed Laporte naar de tweede plek en werd Pedersen (van het geplaagde DSM) derde.

En zo is deze Tour ook een Tour van de Slovenen geworden die met drie truien (naar het zich laat aanzien) en vier overwinningen (al sluit ik niet uit dat daar morgen nog een vijfde bij komt) een geweldige Tour is geworden voor het heerlijke vakantieland, waar Bled, Piran en het Meer van Bohinj absoluut de moeite waard van het bezoeken zijn.

Een dikke chapeau voor zo’n relatief klein wielerland, maar waar de daden heel erg groot zijn.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.