Sprinterselite

Weinig tot geen spektakel

Vandaag was er een kans voor de sprinters. Dat was direct ook meteen een van de laatste kansen, want de sprinters krijgen met twee dagen voor Parijs en uiteraard op de laatste dag nog één kans om middels een sprint nog furore te maken.


Helaas met zoveel andere vlakke etappes spaart iedere ploeg met een sprinter in de gelederen de krachten. Toch was er spektakel, maar dat spektakel duurde wel tot aan 200 meter voor de finish. Toch was er één renner, die het nog probeerde. De Fransman Matthieu Ladagnous van de FDJ ploeg was de dappere strijder, maar als zo vaak in dit soort vlakke etappes was de poging nutteloos. Na 120 eenzame kilometers was het met de poging van Ladagnous gedaan. In de laatste 30 kilometers voerde de Jumbo/Visma, Deceuninck-Quickstep en Lotto Soudal het tempo opvoerde. Het peloton begon onrustig te worden en een valpartij was daar het gevolg van met als voornaamste slachtoffer Astana Spanjaard Ion Izagirre. De voornaamste helper van kopman Miguel Angel López moest opgeven.


Waanzinnige sprint
Op een aantal kilometers voor de finish was er nog een poging van een drietal. Dat bleek bijna te slagen, maar Pöstlberger, Jungels en Asgreen strandde op 2 kilometer voor de finish. Het was Van Aert die de sprint van de favorieten aanging, maar ten opzichte van de vorige twee overwinningen ging de alleskunner van Jumbo/Visma te vroeg aan. Het werd uiteindelijk een sprint van 4. Vier renners gingen tegelijkertijd naar de finish. Van Aert lag nog op kop, maar kreeg naast zich Peter Sagan. Sagan voelde dat hij door Van Aert richting de hekken werd geduwd en reageerde direct. Sagan gaf Van Aert een kwak en daardoor werd de Belg afgeremd. Het hielp hen beide niet, want aan de rechterkant was hij daar weer als een duveltje uit een doosje, de sprinter van Lotto-Soudal. Klein van stuk maar zo vreselijk rap. Caleb Ewan won nipt voor de (later gedeclasseerde) Peter Sagan en Sam Bennett. Doordat Sagan later door de jury werd teruggezet schoof Bennett een plaatsje op en pakte Van Aert extra punten als nummer drie. Maar wederom was het Caleb Ewan die opschoof in de sprinterselite aller tijden met deze overwinning, maar vooral de manier waarop.

Sprinterselite

Als je mij zou vragen wie de beste sprinter was die ik in mijn rijke Tour de France fanatisme heb gezien, dan komt daar Caleb Ewan nog niet op voor.

Mijn top 5 zou zijn:
5. Mario Cipollini; de Italiaanse playboy op 2 wielen. De renner die net zo veel gaf om overwinningen als ook om zijn looks. Mooie Mario zag er uit als de eerste de beste filmster. En zo gedroeg hij zich ook. Mario maakte je niet gek. Mario kwam met dat grote Italiaanse torso op kop van de sprinters en declasseerde vaak zijn tegenstanders. Cipollini was de eerste sprinter die gebruik maakte van een lead-out ploeg. In de Tour de France won hij er maar 12, maar in de Giro was hij ongenaakbaar met 42 (!!) overwinningen.

4. Jean-Paul van Poppel; Van Poppel was in de jaren 80 en 90 dé Nederlandse topsprinter. Zo sterk als de Nederlander was worden ze niet vaak meer gemaakt. Van Poppel was stug voor de camera, maar was een beul in de sprints. Hij schuwde het betere duw- en trekwerk niet. Hij was in de sprint niet gauw van zijn stuk te brengen. Wat Van Poppel tegen zich had was dat hij een sprinter was voor de grote rondes, maar in de klassiekers zag je hem niet.

3. Robbie McEwen; De Australiër was alles behalve geliefd. Dat kwam vooral door zijn meedogenloze manier van sprinten. Zijn collega-sprinters konden zijn bloed wel drinken. Maar Robbie was een echte sprinter. En zijn streken (hij sprong vaak als een roofdier op zijn slachtoffers) werden hem niet in dank afgenomen, maar Robbie won wel veel met zijn stijl van sprinten. Hij reed voor het grootst gedeelte van zijn carriere in Belgische en Nederlandse dienst. The Pocket Rocket won 9 etappes in de Tour en 12 in de Giro. Hij won tevens drie keer de groene trui in de Tour.

2. Marcel Kittel; de Duitse topsprinter begon op jeugdige leeftijd in 2011 bij de Skil-Shimano ploeg. Dat was de voorloper van de Sunweb ploeg. Kittel reed samen met landgenoot John Degenkolb en was goud in de handen van de kleine Nederlandse ploeg. Maar door de twee Duisters (en speciaal door Kittel) werd de kleine Nederlandse ploeg een topploeg. Kittel was een toptalent. Hij kon zo ontzettend sprinten op het beestachtige af. Na jaren in Nederlandse dienst en vele successen rijker (11 overwinningen in grote rondes) ging hij in 2016 naar de Belgische topploeg van Quickstep. Daar had hij in 2017 zijn absolute topjaar. Kittel won maar liefst 5 etappes in de Tour van dat jaar. Een ongekend aantal. Vorig jaar gaf hij aan dat hij oververmoeid was en dat hij de druk niet meer aan kon. Sinds die tijd rijdt Kittel niet meer professioneel.

  1. Mark Cavendish; er kan er maar één de beste zijn en dat is Cav, meest gebruikte bijnaam van Mark Cavendish. Manx Express, Canonball Cav en Manx Missile zijn de anderen. Cavendish boekte zijn grootste en meeste successen bij HTC-Columbia. Maar liefst 20 overwinningen alleen al in de Tour. Verder won hij in 2009 ook nog even Milaan-San Remo. Hij boekte in totaal 30 etappezeges. En ook nog eens 17 in de Giro. Hij werd wereldkampioen in 2011 en was in de Tour van 2009 ongenaakbaar met 6 (!!) etappezeges. Cav wordt daarom beschouwd als de beste sprinter ooit. Zijn manier was zo indrukwekkend, dat er mensen waren die dachten dat hij op zou stijgen. Hij haalde in zijn sprints een bijna onmogelijke snelheid. Cav deed ook aan baanwielrennen, waar hij ook zijn mannetje stond en vooral in de Ploegkoers uitblonk. Cavendish was ook een beetje een arrogant mannetje, maar wel een die dat mocht zijn, gelet op zijn rijke palmares.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.